Waardevolle bijeenkomst bij FNV Senioren Rijnstreek-Leiden!

Vrijdagmiddag was ik te gast bij FNV Senioren Rijnstreek-Leiden Tijdens mijn lezing begon ik bij mijn eigen motivatie natuurlijk met mijn oma. Haar verhaal laat zien hoe groot het verschil kan zijn tussen kalenderleeftijd en fysieke leeftijd, en hoe belangrijk het is om verder te kijken dan alleen het getal in het paspoort. Ook liet ik zien hoe persoonlijk ouder worden wordt beleefd: waar de één het ziet als aftakeling, ervaart de ander het juist als mooi ouder worden, met rimpels die verhalen vertellen.

De groep bestond grotendeels uit mensen van 65+, met een het grote deel van de groep tussen de 65 en 70 jaar. Juist deze groep riep veel vragen op. Zij bevinden zich in een soort tussenzone: volgens de maatschappij vallen ze onder “ouderen” — denk aan 65+‑kortingen en speciale OV‑passen — maar in de zorg worden ze vaak nog niet gezien als geriatrische patiënten (70+). Het blijft bijzonder dat pensioenleeftijd allang niet meer aan 65 is gekoppeld, terwijl je op diezelfde leeftijd wél automatisch tot de ouderen wordt gerekend.

Vanuit die context nam ik de aanwezigen mee in het centrale thema van de middag: de weg naar een diagnose dementie. Ik besprak hoe het proces begint bij normaal ouder worden en de eerste signalen, hoe de huisarts de eerste stap vormt, en welke onderzoeken vervolgens worden uitgevoerd door de geriater. Ook legde ik uit wat een diagnose dementie precies betekent, welke vormen er zijn en wat zo’n diagnose zegt over iemands toekomst.

Daarnaast kwamen onderwerpen als het rijbewijs en proactieve zorgplanning aan bod — thema’s die altijd veel vragen oproepen. De groep luisterde aandachtig en stelde betrokken, persoonlijke vragen. Soms inhoudelijk, soms ter bevestiging, soms diepgaand, en soms met de nuchtere conclusie dat we het gouden ei — de oplossing om dementie te genezen of te voorkomen — helaas nog niet hebben.

Mijn medespreker Joyce Lokker, mantelzorgcoach bij Incluzio, sloot af met waardevolle informatie over lokale ondersteuningsmogelijkheden. Dit maakte de middag extra concreet en compleet.

Dank jullie wel voor deze mooie bijeenkomst vol openheid, herkenning en betrokkenheid — een middag waarin kennis, ervaring en menselijkheid weer mooi samenkwamen.

Mirjam Foekema op het Auteursfestival 2026

We zijn blij dat Mirjam Foekema op 27 september aanwezig is bij Auteursfestival | Editie 2 in Kasteel Maurick in Vught.
Mirjam is verpleegkundige en auteur en schrijft vanuit haar jarenlange ervaring in de zorg. In haar boeken geeft zij een stem aan de menselijke verhalen achter ziekte, ouder worden en zorg.
Zij schreef onder andere;
Van persoonlijkheid naar dementie,
Pareltjes uit de ouderenzorg,
Pareltjes van de geriatrische trauma unit,
Een persoonlijke kijk op de coronatijd en
Pareltjes uit mijn spreekkamer.
Met haar verhalen laat zij zien hoe bijzonder en ontroerend het werk in de zorg kan zijn 🙏❤️
Tijdens het Auteursfestival ontmoet je Mirjam tussen andere auteurs die hun verhalen delen en verbinding zoeken met lezers.
27 september 2026
Kasteel Maurick, Vught

🥳 Boekverjaardag: Het eerste boek uit mijn Pareltjes-serie is jarig!

Op 28 augustus 2019, nu zo’n 6 jaar geleden, verscheen mijn tweede boek. Maar het was wel het eerste deel in mijn serie ‘Pareltjes uit de ouderenzorg’—een bundel vol zorgverhalen, anekdotes en herinneringen uit mijn werk in het verzorgingshuis, verpleeghuis en woonzorgcentrum.

 

📚 Dit boek is een ode aan de ouderenzorg. Aan de bewoners met hun humor en levenswijsheid. Aan de zorgverleners die met hart en ziel klaarstaan. Aan de kleine momenten die zelden het daglicht zien, maar des te meer betekenis hebben.

 

💬 Heb jij het al gelezen? Laat me weten welk verhaal jou raakte. 📖 Nog niet in huis? Je kunt het boek bestellen voor €18,50 (excl. verzendkosten) via: www.mirjamfoekema.nl – gebruik het contact/bestelformulier voor een gesigneerd exemplaar Of mail direct naar mirjamfoekema@gmail.com

💻 Sinds 30 januari 2024 ook verkrijgbaar als eBook (ISBN: 9789465010656) voor slechts €4,99 via: Alle grote webshops/ Kobo

 

✨ En het feest stopt niet hier… Op 1 oktober 2025 verschijnt het derde deel in de Pareltjes-serie!  Een nieuw boek vol verhalen uit de ouderenzorg—soms ontroerend, soms confronterend, altijd oprecht. Met nieuwe gezichten, nieuwe inzichten en opnieuw een flinke dosis liefde voor het vak.

Voorverkoop gestart!

Vorige week opende ik een doos die voor mij veel meer was dan karton. Binnenin lag de proefdruk van mijn derde boek: Pareltjes uit mijn spreekkamer. Een bundel vol verhalen, ontstaan in mijn spreekkamer. Gesprekken met oudere patiënten op de polikliniek geriatrie in het ziekenhuis.

Patiënten die ik ontmoet op een kwetsbaar moment in hun leven. Door écht contact te maken op zulke momenten, ontstaan er gesprekken over uiteenlopende onderwerpen. Soms raken ze aan het ziektebeeld, maar vaak gaan ze er ver buiten. Herinneringen, levensvragen, kleine pareltjes van menselijkheid—alles komt voorbij.
Dank aan Brave New Books! Het is de uitgeverij waarbij ik veel zelf mag doen, en dat is precies wat ik wilde. Het boek is volledig uitgegeven zoals ik het voor ogen had. Zij verzorgen de uiteindelijke druk, leveren mijn voorraad en zorgen dat bestellingen via andere kanalen goed verlopen. Ook hebben ze de inhoud van het eBook voor mij vormgegeven, zodat lezers met een e-reader mijn boek kunnen lezen.
📖 Vanaf vandaag kun je het boek alvast in de voorverkoop bestellen—voor wie leest op papier.
📬 Bestellen kan via www.mirjamfoekema.nl (via het contact-/bestelformulier) of door een mail te sturen naar mirjamfoekema@gmail.com. Elke bestelling via deze weg wordt persoonlijk gesigneerd én voorzien van een boekenlegger.
📦 Levering vanaf 1 oktober 2025
💶 Prijs: €18,50 (excl. verzendkosten)
📱 En vanaf 1 oktober 2025 is Pareltjes uit mijn spreekkamer ook verkrijgbaar als eBook—voor wie leest op een scherm. Verkrijgbaar via alle grote webshops, boekenhandels én via Kobo.
💻 Te koop voor slechts €4,99

Nieuw boek, nieuwe kaft

 

De foto op de voorzijde is gemaakt door Richard, mijn man, tijdens een waardevolle fotoshoot met een geliefde bewoner uit het woonzorgcentrum. Een intiem en vertrouwd moment waarin privé, zorg en verbinding samenkwamen. Het eindresultaat? Drie prachtige kaftfoto’s voor mijn Pareltjesserie.
Haar hand in de mijne, een moment van echte verbinding. Geen pose, maar een gebaar dat onze werkrelatie symboliseert en de essentie van deze boekenserie weerspiegelt.

De polikliniek geriatrie is een plek waar ouderen van 70 jaar en ouder komen voor onderzoek en advies. Ze wandelen het ziekenhuis binnen, soms zelfstandig, soms met een hulpmiddel. Deze derde foto uit de shoot bleek zó treffend te passen bij die setting: onderweg, in beweging, met een verhaal dat wacht om verteld te worden. Zonder toen te weten wat ik allemaal zou gaan schrijven, bleek dit beeld later zó passend. Soms moeten dingen gewoon zijn zoals ze zijn of gebeuren met een reden.

📸 En nieuw boek, nieuwe profielfoto.
Ik ben geen fotomodel. Sterker nog, ik voel me meestal wat ongemakkelijk voor de camera. Maar deze keer voelde het anders. Monique, fotograaf én collega medische fotografie in het ziekenhuis, wist precies hoe ze me moest vastleggen. Met humor, rust en oog voor wie ik écht ben.

Een boek dat zich afspeelt in het ziekenhuis, gemaakt door mensen die daar zelf werken. Dat voelt zó kloppend. En ook deze foto is onderdeel geworden van dat verhaal.

Rimpels en oneffenheden mogen gezien worden, ook die maken wie ik ben. Rimpels zijn geen imperfecties, maar bladzijdes uit mijn levensverhaal. Ik draag ze met trots. Ze legde me vast zoals ik ben: schrijver, zorgverlener, puur natuur.

Richard en Monique, dank voor jullie expertise rondom de beeldvorming voor dit boek. Dit maakt het helemaal af!

🗓️ Voorverkoop start op 25 augustus. Een bundel vol verhalen van de polikliniek geriatrie: over kwetsbaarheid, humor, verlies en onverwachte kracht. Wil je als eerste een exemplaar bemachtigen? Zet 25 augustus in je agenda.

Toen mijn manuscript klaar was, ging het naar twee belangrijke mensen: eerst naar de redacteur, daarna naar Bureau Communicatie van het ziekenhuis. Twee verschillende petten, twee verschillende blikken.

De redacteur boog zich over de taaltechnische kant: zinnen, spelling, stijl. Bureau Communicatie keek mee vanuit hun rol als bewaker van inhoudelijke afspraken en externe communicatie.

Op 24 juli kreeg ik het volledige manuscript van Pareltjes uit mijn spreekkamer terug van mijn redacteur. Mijn Nederlands is misschien niet perfect, maar ik heb wél mooie verhalen te delen. Gelukkig zijn er altijd mensen om me heen die mijn krabbels weten om te toveren tot een leesbaar geheel.

Ik krijg mijn teksten altijd rood gekleurd terug. Je weet wel, zoals vroeger op de lagere school, wanneer je hoopte op een krul maar een heleboel rode strepen kreeg. En eerlijk? Ik moet er vaak om lachen. Want achter al die correcties zit geen kritiek, maar pure zorg. Zorg om mijn woorden helder te maken, zonder ze glad te strijken. Het is een kunst op zich: teksten zo aanpassen dat ze taalkundig kloppen, zonder dat de toon en het karakter van mijn verhalen verloren gaan. Elk hoofdstuk draagt een stukje van mijn ervaring, mijn verwondering, mijn betrokkenheid.

En nu is het moment daar: de laatste check voordat het écht de wereld in mag.

Op 8 augustus kreeg ik ook groen licht van Bureau Communicatie. Geen weerstand verwacht, maar het blijft spannend. Want dit boek is méér dan een verzameling verhalen. Het is een inkijkje in de menselijke kant van de zorg. Persoonlijk, kwetsbaar, eerlijk. Verhalen die niet alleen plaatsvinden in ons ziekenhuis, maar letterlijk uit mijn spreekkamer komen.

Lizzy en Jasja, dank voor jullie warme zorg rondom mijn nieuwe verhalenbundel.

Ik voel een mix van trots en zenuwen. Want zodra dit manuscript wordt goedgekeurd, is er eigenlijk geen weg meer terug. Dan gaan de woorden hun eigen weg: naar lezers, collega’s, patiënten, nieuwsgierigen.

Zojuist heb ik mijn manuscript geüpload in de macro van het boek op de website van de uitgeverij. Het staat nu officieel in het systeem, klaar om verder vorm te krijgen.

Van de week volgt de fotoshoot, waarmee ook mijn nieuwe profielfoto wordt toegevoegd. En dan… dan vraag ik de proefdruk aan. Het moment waarop mijn verhalen voor het eerst tastbaar worden. Pareltjes uit mijn spreekkamer komt steeds dichterbij — en ik kan niet wachten om het met jullie te delen.

008: Een telefoonlijn naar menselijkheid

Vandaag spreek ik een dochter tijdens een heteroanamnese over haar moeder. Een van de standaardvragen is wat patiënte voor werk heeft gedaan. “Mijn moeder was telefoniste van 008,” zegt ze. Terwijl ik dit opschrijf, realiseer ik mij dat ’telefoniste van 008′ inmiddels een vergeten beroep is geworden. Een echo uit een analoog tijdperk dat de meeste jongere mensen niet zullen herkennen. Het roept bij mij in elk geval een nostalgisch gevoel op: een tijd waarin informatie nog via menselijke stemmen werd doorgegeven, telefoons aan muren hingen en verbinding écht iets tastbaars was.
Lang voordat zoekmachines bestonden, was er de geruststellende stem van telefoniste 008. Vanuit een stille werkruimte, omgeven door rinkelende lijnen, krakende bureaustoelen en rijen vergeelde telefoonboeken, zat zij paraat. Telefonistes werkten vaak met een hoofdtelefoon met één oorschelp en een microfoon die aan een frame of band bevestigd was. Deze apparaten waren bedoeld om handsfree te kunnen werken, zodat ze tegelijkertijd konden luisteren, spreken en informatie opzoeken in fysieke telefoonboeken.
Met zorgvuldig aangeleerde etiquette gaf ze met precisie en geduld telefoonnummers door aan heel Nederland. Of je nu een kapper zocht in Groningen, een tandarts in Tilburg, een hotel in Maastricht of gewoon de achternaam van de buurvrouw was vergeten: één belletje naar 008 en je werd geholpen. Geen onpersoonlijke database, maar een menselijke stem die luisterde, vroeg door, en in veel gevallen zelfs de naam correct wist te spellen zonder dat je het hoefde te zeggen.
Dit was de tijd waarin de telefoon nog met een krullend snoer aan de muur hing en mobieltjes nog niet bestonden. Het draaien van een nummer betekende dat je jouw vinger in een draaischijf moest steken, nummer voor nummer moest draaien. In huis lagen de Gouden Gids en het regionale telefoonboek klaar, dik als een volledig boekwerk. En op iedere straathoek stond een telefooncel , in het zogenaamde telecom-groen (grijs-groen), met veel glas en een robuuste uitstraling. Dit model werd vanaf 1965 het herkenbare gezicht van openbare telefonie in Nederland. Binnen deze cellen, tussen plexiglas muren en een broekzak vol met muntjes, zocht je je weg in de lokale telefoonklapper, een stevig ingebonden naslagwerk waarin plaatselijke nummers netjes gerangschikt stonden.
In een wereld zonder swipe of scroll bracht de 008-telefoniste verbinding. Letterlijk én figuurlijk. Zij was het kalme middelpunt van een tijdperk waarin communicatie nog met aandacht gebeurde en informatie een warme stem had. In onze huidige maatschappij, waar berichten in milliseconden verstuurd worden en algoritmes ons gedrag voorspellen, herinnert haar rol ons aan de waarde van menselijke nabijheid en gerichte aandacht.
Dienstverlening was toen al geen abstract proces, maar een persoonlijk moment van contact: een stem die luisterde, verbond en soms troost bood. Persoonlijk contact is geen luxe, het is de lijm die vertrouwen, empathie en samenwerking mogelijk maakt. Misschien vraagt onze digitale samenleving niet om méér technologie, maar juist om technologie die ons menselijker laat zijn, met ruimte voor aandacht, warmte en verbinding, zoals ooit een telefoniste die letterlijk en figuurlijk mensen met elkaar verbond.

 

Dat ene specifieke moment van echte verbinding: Een pareltje in mijn spreekkamer!

Alweer deel 4 van mijn verhalen uit het nieuwe boek.
Dat ene specifieke moment van écht contact maken 💛🕊️ Soms gebeurt het ineens: een moment van echte verbinding, waarin spanning verdwijnt en iemand zich écht gezien voelt.
Vandaag deel ik het verhaal van een kwetsbare dame, haar bezorgde dochter en een gesprek dat begon in onzekerheid, maar eindigde met een glimlach.
Lees mee en ontdek waarom dit een pareltje in mijn spreekkamer was!

 

Een pareltje in mijn spreekkamer!

Een heteroanamnese is een gesprek met een naaste ter voorbereiding op het gesprek van de patiënt met de geriater. Vervolgens worden er diverse tests afgenomen door een verpleegkundig specialist.
Na dit voortraject komt de patiënt bij mij op gesprek voor de nazorg. Vandaag heb ik een gesprek met een zeer betrokken dochter, waarbij mijn nieuwsgierigheid gewekt wordt naar de patiënte zelf. Ik zie geen foto in het dossier, dus ik moet het hebben van de verbale omschrijving die ik van haar dochter krijg én mijn eigen fantasie.

Het verhaal wat ik hoor klinkt zorgelijk! Het betreft hier een zeer kwetsbare 80-jarige dame met een overbelast mantelzorgsysteem. De schreeuw om hulp is groot. Ik doe wat ik kan ter voorbereiding op het inzetten van hulp. Op dit moment is de wachtlijst lang en duurt het ongeveer 7 maanden voordat er een casemanager dementie beschikbaar is. Na een paar telefoontjes heb ik gelukkig iemand gevonden die al heel snel mevrouw zou kunnen bezoeken.

En dan is het wachten op mijn ontmoeting met deze mevrouw…

We zijn ongeveer twee weken verder en ik ontmoet mevrouw en dochter in de wachtkamer. Met de dochter heb ik al kennis gemaakt, maar mevrouw zie ik nu voor het eerst. Ze voldeed volledig aan mijn beeld; een dame van Surinaamse afkomst met een heel lief gezicht. Mevrouw zit, enigszins voorovergebogen, in een rolstoel. Terwijl ik naar mevrouw en dochter loop, zie ik dat mevrouw meteen naar haar dochter draait en vriendelijk zegt. ‘Jij moet alle vragen maar beantwoorden, hoor!’ De dochter legt mij kort uit dat haar moeder erg gespannen is en dat ik het gesprek maar met haar moet voeren. Voor mij is dit prima. Ik kijk nog eens naar mevrouw en zie inderdaad een enorme spanning in haar gehele lijf, onrustig zit ze aan haar kleding te plukken, wat heen en weer te wiebelen in haar rolstoel en schichtig om zich heen kijken.

Ik begin mijn gesprek met uit te leggen wie ik ben, wat ik ga doen en wat ik vooral…. níet ga doen. Ik ga geen testen meer afnemen of moeilijke vragen stellen, ik ga meedenken over hoe nu verder. Ik beantwoord de vragen die de dochter van mevrouw voor mij heeft. Ik richt af en toe het gesprek naar mevrouw, maar stel haar geen vragen. Ondanks dat ik mijn gesprek zo nu en dan naar haar richt durft ze mij niet aan te kijken.

Na een minuut of tien zegt mevrouw ineens uit het niets heel zachtjes: ‘Mag ik misschien ook iets vragen?’ Er volgt oogcontact! ‘Maar natuurlijk mag u iets vragen, graag zelfs!’ De sfeer tijdens het gesprek voelt blijkbaar dusdanig veilig en ontspannen dat mevrouw het aandurft zelf ook vragen te stellen. Er volgt echter geen vraag, maar een uitleg…

‘Toen ik bij die zuster (mevrouw bedoelt de verpleegkundig specialist) was vroeg zij heel veel. Ze stelde heel veel vragen waar ik vaak het antwoord niet op wist. Ik ga achteruit, dat weet ik, maar dat het zo erg was, was heel emotioneel en confronterend. Het lag niet aan die zuster, hoor, maar die testen waren gewoon heel moeilijk!’

Geheugentesten als deze afnemen is ons dagelijks werk, maar soms worden we weer even met de neus op de feiten gedrukt. Voor de patiënt zijn de testen naar en zeer confronterend. Echter is het wel noodzakelijk om een goed beeld te krijgen waar het in het hoofd precies misgaat.
Als ik dit mevrouw vertel begrijpt mij maar al te goed.
‘Dus ze weet nu precies waar het misgaat? Ik heb dus dementie. Is daar wat aan te doen?’
Ik moet haar teleurstellen en melden dat we dementie helaas nog niet kunnen genezen.
‘We kunnen alleen met u meedenken en u gaan begeleiden, zodat we verdere achteruitgang een beetje kunnen terugduwen. Daarvoor krijgt u een casemanager toegewezen, een steuntje in de rug voor u, maar ook voor uw dochter.’

Na een kort nadenkmomentje zegt mevrouw: ‘Ik vind alles goed als ze maar niet meer zulke moeilijke vragen gaat stellen. Moet ik al die vragen nog een keer doen?’
Daarin kan ik haar wel geruststellen. ‘Nee, dat hoeft niet meer. We hebben een diagnose waar we mee verder kunnen. Een nieuwe test zou uitwijzen wat we mogelijk al weten, namelijk dat u langzaam achteruitgaat. We gaan u daar dan ook niet meer mee plagen!’

Direct zie ik het laatste restje spanning uit haar lichaam verdwijnen en er verschijnt een mooie en ontspannen glimlach op haar lieve gezicht. Mevrouw maakt hierna actief deel uit van het gesprek en stelt nog wat vragen of heeft een opmerking.
Prachtig, wat een mooie omslag in ons contact!

Helaas is dit nazorggesprek ook ons laatste gesprek op de poli Geriatrie. Hierna zal de inmiddels betrokken casemanager dementie mevrouw en dochter zo goed mogelijk gaan begeleiden.

Verhaal ook gepubliceerd in DementieVisie

Dat ene onvergetelijke gesprek: De ouderdomsklok

Alweer deel 3 van mijn verhalen uit het nieuwe boek
Een klein gebaar, een groot verschil 🕰️ Soms zijn het juist de eenvoudige dingen die een wereld van verschil maken. Een klok, een geruststellend woord, een stukje regie terugvinden.
Vandaag deel ik het bijzondere verhaal van een dame die haar angst wist te overwinnen met een simpel, maar waardevol hulpmiddel en de liefdevolle steun van haar dochter.
Lees mee en ontdek waarom de ouderdomsklok een plek verdient in onze spreekkamer en mevrouw een plekje in mijn boek!

Na een gesprek met de geriater, waarbij deze een mogelijke diagnose dementie heeft gesteld, is er een mogelijkheid voor een nagesprek met een geriatrie verpleegkundige. Die kan de diagnose toelichten zodat deze beter begrepen wordt, vertellen wat de gevolgen kunnen zijn, de mogelijkheid bieden om eventuele ontstane vragen alsnog te stellen, welke vervolgstappen er eventueel te zetten zijn en kan er voorzichtig een toekomstbeeld geschetst worden.

Vandaag hebben we bezoek van een spraakzame dame die goed kan verwoorden waar ze het meest angstig van wordt. Ze vertelt aan het begin van het gesprek dat ze op een dag wakker werd en de dag niet meer wist. Ze vertelt ook dat ze niet in staat was om te bedenken hoe daarachter te komen. In paniek heeft ze haar dochter gebeld, die haar heeft weten gerust te stellen. De dochter heeft haar toen een prachtig kado gegeven: ‘een ouderdomsklok’ (een klok waarbij naast de tijd ook de dag, datum en jaar zichtbaar is). Mevrouw vertelt enthousiast dat zij nu iedere morgen opstaat en even op haar klok kijkt. En het helpt echt.
Superfijn om te horen dat hulpmiddelen worden gebruikt en ook echt een meerwaarde hebben.
Met mevrouw en haar dochter proberen we te kijken wat er van het gesprek met de geriater, twee weken geleden, is blijven hangen. Met enige hulp weet zij flarden van dit gesprek te herhalen. Ze weet de persoon te omschrijven, maar tot een diagnose komt zij niet. ‘Weet je wat ik nu het ergste vond?’ Er valt een korte stilte… ‘Dat ik soms de dag niet meer wist. En dan moest ik haar bellen om dat te vragen. Weet u, ik heb van haar nu een mooie klok gekregen. En nu hoef ik haar niet meer te bellen!’ We vragen even door op het verhaal van mevrouw: ‘Bent u nu minder angstig?’ Mevrouw antwoordt: ‘Ja, als ik nu wakker word groet ik eerst de klok en zie ik gelijk welke dag het is!’ Wij constateren een goed functionerend ochtendritueel.
We pakken het gesprek weer op om zo toch onze belangrijke punten te kunnen bespreken. We adviseren een casemanager dementie, zodat er altijd iemand te bereiken is met veel ervaring met mensen met dementie, die te allen tijde kan helpen met uitdagingen die zich in de toekomst zeker zullen gaan voordoen. ‘Een casemanager heeft, net als uw dochter met de ‘ouderdomsklok’, voor veel uitdagingen een idee om u daarmee te helpen.’
Mevrouw knikt en lijkt te begrijpen wat de bedoeling is met het inzetten van een casemanager. We geven hierin mevrouw de ruimte en het gesprek valt enkele seconden stil. Mevrouw begint weer te praten: ‘Ja, weet je, zo’n klok is toch echt zo fijn! Dat had ik nog niet verteld, toch?’ Mijn collega reageert: ‘U vertelde dat u dit zo fijn vond en hierdoor niet meer angstig bent als u de dag niet meer weet. Want daar heeft u nu de klok voor gekregen.’ Mevrouw knikt lachend en legt haar hand op de arm van haar dochter: ‘Zo fijn dat ze met mij meedenkt!’
We ronden het nazorggesprek af en geven nog wat foldertjes mee voor thuis. Mevrouw en dochter staan op om hun jas aan te trekken. We zien mevrouw kijken naar onze reguliere klok welke in de spreekkamer hangt. We zien de trigger naar haar verhaal. We konden erop wachten… ‘Als je nu niet meer weet welke dag het is…, mijn dochter heeft daar een mooie klok voor gekocht waar ook de dag en datum opstaat. Dat is toch zo fijn!’ We trekken gezamenlijk de conclusie dat de dochter als casemanager dementie bij ons moet komen werken en mevrouw als verkoopster bij het bedrijf van de ‘ouderdomsklok’ om deze aan de man te brengen.
Lieve dame, als er in onze spreekkamer iemand komt die aangeeft angstig te zijn omdat zij de dag niet meer weten, zullen we met net zoveel passie als u de ‘ouderdomsklok’ aanbevelen!