Humor in dagelijks gedoe!
In deze blog neem ik je mee in mijn dagelijks gedoe: de momenten waarop ik struikel, lach, zucht en toch soms weer iets leer. Licht, luchtig en met een dikke knipoog!
Waarom is ons koffieapparaat wijzer dan wij? (17-4-2026)
Ken je dat? Zo’n koffieapparaat op het werk dat eerst zelf moet opstarten voordat jij überhaupt mag denken aan koffie. Ja hoor, ik ben vaak de eerste… en dus degene die hem ‘wakker moet maken’.Mijn duf konijn‑momentje (18-4-2025)

Vanmorgen schuifel ik met halfdichte ogen de trap af, op weg naar de badkamer. Ik druk op de lichtknop. Niets. Nog een keer. Ook niets. Hmm. Dan maar even testen in de hal: lichtknop aan, lichtknop uit. Donker. Mijn brein fluistert “stroomuitval?”, maar mijn handen blijven koppig op zoek naar licht.
Met het telefoonlampje als redding vervolg ik mijn weg naar beneden. Gordijnen open. Opluchting: het ligt niet aan mij! De hele wijk is gehuld in duisternis. Later blijkt dat de stroomstoring al een tijdje bekend was. Fijn dat ík dat dan weer pas ontdek als ik met mijn slaaphoofd tegen de dag aan bots…
In de keuken herhaalt zich hetzelfde ritueel. Lichtknop aan, lichtknop uit. Natuurlijk werkt het niet, maar mijn automatisme denkt daar anders over. In de trapkast voor mijn brood: opnieuw dat nutteloze klikken. Mijn hersenen blijven hardnekkig proberen, alsof één extra poging ineens wél licht oplevert.
Stroomuitval, en toch blijf ik die schakelaar indrukken. Soms ben ik gewoon een duf konijn!
Code geel? Welkom in mijn gele vierkantje (11-2-2025)
Voor bijna heel Nederland is er vandaag code geel afgegeven vanwege gladheid en mogelijke sneeuwval. Dus toch een sprankje hoop. Tegen beter weten in schuif ik vanmorgen vroeg mijn gordijnen open, klaar voor een witte wereld. Maar nee hoor. Geen sneeuw, geen vlokje, zelfs geen zielig restje van dat beloofde Slushpuppies‑spul. Alleen een teleurgestelde ik en een straat die eruitziet alsof hij nog moet wakker worden.
Dan maar even Buienradar openen. Misschien komt het later op de dag nog goed. En jawel: een grote gele vlek, hier en daar zelfs een beetje oranje. De sneeuwbui ziet er indrukwekkend uit. Maar ik? Ik woon precies in dat ene gele vierkantje dat al uren niets doet. Veel “geler” dan dat wordt het vandaag niet.
Terwijl de rest van het land zich voorbereidt op glijpartijen, sneeuwpret of verkeerschaos, zit ik hier in mijn kleurvakje te wachten op iets dat waarschijnlijk nooit komt. Ach ja. Soms woon je gewoon in het oog van de sneeuwstorm.
Leesmotivatie? Mijn boekenwurm heeft daar zo haar eigen ideeën over (4-12-2024)
Gisteravond zaten wij gezellig naar Eva te kijken, toen mijn dochter ineens de trap af kwam. Op tv ging het over boeken lezen en hoe we jongeren weer aan het lezen krijgen. Eén van de gasten riep enthousiast: “Ouders! Neem je kind mee naar de boekwinkel en geef ze een mooi boek voor kerst!”
Mijn dochter Jill — 24 jaar, doorgewinterde boekenwurm, eigenaar van een slaapkamer die verdacht veel wegheeft van een privébibliotheek — keek me bloedserieus aan: “Mam, gaan we morgen na jouw diplomering een omweg maken? Ze zeggen op tv dat het moet. Voor mijn leesmotivatie…”
Alsof dat kind niet al meer boeken verslindt dan de gemiddelde leesclub in een jaar!
En ja hoor… na mijn diplomering stonden we precies waar je ons kunt verwachten: midden in één van de mooiste plekken van Rotterdam. De heilige grond voor elke boekenliefhebber. Donner Rotterdam.
Want als de televisie zegt dat het moet, dan moet het natuurlijk. En eerlijk is eerlijk: voor een boekenwurm is er geen betere plek om je dag te eindigen.
Een simpele chocoladeletter zorgt voor opschudding (30-11-2024)
Gisteren kreeg ik op het werk van mijn collega’s van de afdeling Geriatrie een chocoladeletter. Superlief gebaar (dank jullie wel, collega’s!). Thuis pak ik hem meteen uit en zie ik dat het geen M van Mirjam is, maar een B. Helemaal prima — chocolade is chocolade, en ik waardeer het gebaar meer dan de letter.
Maar nog voordat ik een hap kan nemen, wordt mijn chocoladeletter hier thuis ontdekt. Mijn zoon duikt erop alsof hij een schatkaart ziet: “Hé, dat is een B van Björn. Dus die is van mij!” Mijn man laat zich niet kennen: “Nee hoor, dat is de B van Brandweer. Dus hij is van míj!”
Ik kijk ze aan, trek mijn wenkbrauw op en zeg: “Fout. Het is de B van Bengel. En dus gewoon van mij.” Tja… iemand moet hier toch de leukste thuis zijn. En zo verandert mijn onschuldige chocoladeletter in een heerlijke familiediscussie. Eén ding is duidelijk: chocolade zet hier thuis meer in beweging dan alleen de smaakpapillen.
Als Sinterklaas toch weer voor decemberkriebels zorgt (17-11-2024)
Het hele jaar door hoor ik thuis dezelfde boodschap: “Geen Sinterklaas vieren hoor, dat vinden we niet meer zo leuk! Pakjes onder de kerstboom, dát is veel leuker.” En eerlijk is eerlijk, met vier volwassenen in huis snap ik dat je keuzes moet maken. Ik ben flexibel, dus prima — dan richten we ons op kerst.
Maar toen Sinterklaas gisteren in Vianen voet aan wal zette, gebeurde er iets wonderlijks. Opeens was iedereen tóch weer in de stemming. In rap tempo werden er schoenen gezet, alsof de decembertradities spontaan opnieuw waren geactiveerd. Blijkbaar werkt die goedheiligman als een soort seizoensschakelaar: je zegt dat je hem ontgroeid bent, maar zodra hij in de buurt komt, begint het toch te kriebelen.
En dus zitten we vanavond met warme chocolademelk met slagroom, iets lekkers en een flinke dosis gezelligheid op de bank. En ja hoor… we pakken gewoon een schoenkadootje uit. Want hoe oud je ook bent, sommige feestdagen blijven stiekem veel te leuk om los te laten.
#AltijdKindBlijven
Als je brein weigert uit te loggen (9-7-2024)
Nieuw kussen… dat ligt vast heerlijk, denk ik optimistisch. Ik draai wat, zoek mijn perfecte plekje en precies op dat moment rolt er ineens een complete tekst voor mijn schoolopdracht mijn hoofd uit. “Die onthoud ik wel tot morgen,” denk ik nog. Natuurlijk niet. Dus hup, licht aan, notities maken.
Poging twee. Ik nestel me opnieuw, sluit mijn ogen… en daar komt een briljant stukje voor mijn sociale media voorbij. Zinnig ook nog. Dus ja hoor, weer opschrijven.
Poging drie. Ik lig net lekker als mijn brein besluit een prachtig hoofdstuk voor mijn nieuwe boek te produceren. Echt waar, midden in de nacht. En natuurlijk: opschrijven.
Poging vier. Dit keer krijg ik ineens een haarscherp overzicht van alles wat ik moet vragen in een aankomend telefoongesprek. Inclusief de bijbehorende keuzes. Tja, ook dat moet op papier.
Draai, draai, draai.
En het mooiste? Alles wat ik vannacht heb opgeschreven blijkt nuttig en bruikbaar. Maar echt hè… kan iemand mijn overuren draaiende rechterhersenhelft vertellen dat hij ’s nachts gewoon moet slapen?
Droom gerelativeerd (4-6-2024)
Vanmorgen keek ik naar buiten en zag donkere wolken samenpakken. Het leek alsof er elk moment een storm over het huis zou razen. In de keuken voelde ik een stevige windvlaag en toen ik de deur opendeed, schrok ik me rot: mijn hele serre was verdwenen. Alleen de fundering lag er nog keurig bij. Deur dicht, hartslag omhoog, richting woonkamer. Want als de serre weg is, dan moet daar toch ook een gapend gat zitten? En ja hoor… geen wind, maar wél enorme schade. Ik probeerde nog wat spullen te redden, maar al snel zag ik dat het totaal zinloos was.
Oké, laat maar. Eerst plassen.
Zittend op de wc drong het langzaam tot me door: dit was dus een droom. Een heel levendige, dramatische droom, maar toch een droom. Ik vertelde het aan Richard, en samen kwamen we tot een geruststellende conclusie: het is eigenlijk best fijn dat onze serre is weggewaaid voordat we hem überhaupt hebben laten bouwen.
Sommige dromen zijn zo absurd maar snel gerelativeerd!
Zonnig humeur, Hollandse regen (31-5-2024)
Vandaag begon ik extra vroeg. Met een flinke kop koffie en een vastberaden hoofd werkte ik alles weg wat nog in mijn mailbox hing. Alle losse eindjes afgerond, alle taken afgestreept. Eindelijk een leeg hoofd én een lege inbox. Klaar voor een weekje vrij. Met een zonnig humeur en al half in vakantiestemming liep ik het ziekenhuis uit, mijn werkplek achter me latend.
Ik zette één stap buiten de deur… kletsnat. Dag zonnig humeur, hallo Hollandse realiteit. In één klap stond ik weer met beide benen op de grond — letterlijk, want ik landde midden in een plas.
Goed, eerst maar even bijkomen van deze frisse douche. Daarna door naar het volgende hoofdstuk van mijn vrije dag: de auto tanken, boodschappen doen en thuis de was wegvouwen. Niet bepaald de glamour waar je op hoopt als je vakantie inzet, maar hé… iemand moet het doen.
En zo begon mijn vrije week niet met zon of ontspanning, maar met regen, plassen en praktische klusjes. Typisch Nederlands, maar stiekem ook wel weer precies mijn leven.
Boekideeën om 5.00 uur: bedankt, creatief brein (30-12-2023)
Vannacht werd ik ruw uit mijn slaap gehaald door mijn eigen brein. Mijn creatieve rechterhersenhelft had blijkbaar besloten dat vijf uur ’s ochtends hét perfecte moment was om briljante ideeën te produceren voor mijn nog te schrijven boek. Heel fijn natuurlijk, maar waarom precies op de dag dat ik eens níet vroeg mijn bed uit hoefde?
Terwijl ik daar lag, half slapend en half schrijvend in mijn hoofd, vroeg ik me af waar mijn logisch denkende linker hersenhelft eigenlijk uithing. Die had mijn rechter hersenhelft op z’n minst kunnen influisteren dat dit geen geschikt tijdstip was voor een spontane schrijfsessie. Maar nee hoor… die lag waarschijnlijk nog heerlijk te slapen, volledig buitendienst.
En dus lag ik daar, klaarwakker, terwijl mijn creatieve brein overuren draaide alsof het betaald werd per ingeving. Idee na idee, scène na scène, het hield maar niet op. Tegen de tijd dat ik eindelijk weer in slaap viel, had ik in gedachten al een halve roman geschreven.
Soms is het best handig, zo’n hyperactieve rechterhersenhelft. Maar om vijf uur ’s ochtends? Dat hoeft echt niet.
Alles voor de kinderen… zelfs voor een Happy Stones (27-4-2021)
Rijd ik nietsvermoedend over de Sportlaan, half in gedachten, half in de Koningsdagstemming… kijk ik opzij… en ja hoor: een steentje! Zo’n klein, simpel, maar voor kinderen magisch object. Mijn eerste impuls? Noodstop maken, 180 graden draaien, auto in de berm smijten en dat ding redden alsof het een zeldzame schat is. Maar goed, ik probeer nog een beetje volwassen over te komen, dus ik besluit dat dat misschien nét iets te overdreven is.
Dus gas erop, naar huis. Kind uit de bank getrokken — liefdevol natuurlijk, maar wel met urgentie: “Kom! Ik heb een steentje gevonden!” We rennen terug en jawel… hij ligt er nog. Precies op dezelfde plek, alsof hij geduldig op ons stond te wachten. Kind blij, missie geslaagd, ouderhart tevreden.
Alles voor de kinderen. Zelfs voor een steentje dat voor hen meer waarde heeft dan goud.
Fijne Koningsdag 2021 — met kleine avonturen die het nét even leuker maken.
Storm Bella geeft een tuinconcert (27-12-2020)
Storm Bella kwam vannacht niet zomaar langswaaien — nee hoor, ze arriveerde alsof ze auditie deed voor een muzikaal optreden. Terwijl de wind aantrok, ontdekte ik dat Bella verrassend muzikaal is. Ze floot vrolijk door de ventilatieroosters, alsof ze een solo speelde. Daarna begon ze ritmisch te trommelen op de schutting, gevolgd door een schuivend concert met mijn tuinstoelen die door de achtertuin dansten alsof ze in een polonaise zaten.
Maar het hoogtepunt? De clico‑percussie. Bella had er duidelijk plezier in: klep open tegen het raam, klep dicht, clico omver (maar overeind zetten? Ho maar!). Wachten tot ik naar buiten stapte en dan snel weer die klep dichtklappen — pure slapstick. Het klonk alsof ze een complete remix maakte van “Storm op de Straathoek”.
En eerlijk is eerlijk: ze leek er zelf het meest van te genieten. Ik stond erbij, keek ernaar en dacht alleen maar: wat een boefje, die Bella.
Sommige stormen brengen schade, andere brengen muziek. Bella is gewoon ondeugend!
Supermarktgeluiden en zorglogica: vreemde combinatie (30-9-2020)
Vandaag liep ik in alle rust door de supermarkt, mijn karretje halfvol en mijn hoofd nog half in de werkmodus. Terwijl ik van het ene schap naar het andere slenterde, volledig verdiept in mijn mentale boodschappenlijst, gebeurde het. Een scherpe, doordringende piep vulde de winkel. Zo’n toon waarvan je nekharen spontaan overeind gaan staan.
En wat denk ik? “Ah… storing in de po‑spoeler.”
Daar stond ik dan, tussen de pakken pasta en de potten pindakaas, terwijl mijn brein vrolijk de overstap maakte van boodschappen naar ziekenhuislogica. Mijn privéleven en mijn werk hadden blijkbaar besloten om zonder overleg in elkaar over te lopen. Niet handig, wel herkenbaar.
Ik keek om me heen, half verwachtend dat er ergens een verpleegoproepsysteem zou knipperen. Maar nee hoor, gewoon een supermarkt. Gewone mensen. Gewone piep. Alleen mijn hoofd dat nog ergens op de werkvloer rondliep.
Misschien moet ik mijn werk en mijn vrije tijd toch iets beter gescheiden houden.
Kassaband‑drama (28-10-2019)
Werkdag (23-10-2018)
Na een dag je het apelazarus werken,Ochtendchaos deluxe (21-4-20218)
Ken je dat? Je wordt wakker van de wekker op je telefoon, je grijpt ernaar… en mept hem met volle overtuiging van je nachtkastje. Wekker blijft vrolijk doorgillen, dus je schiet overeind, schat de hoogte van je bed verkeerd in en klapt met je grote teen dubbel. Wekker uit. Goedemorgen!
Met tranende ogen van het ochtendgeluk loop je naar de trap. Tree voor tree, denk je. Maar nee hoor, je lichaam besluit spontaan dat twee tegelijk efficiënter is. Je grijpt de leuning, mist knijpkracht en glijdt half zittend naar beneden. Halverwege denk je: aha… het is weer zo’n dag.
Maar goed, vrije dag! Dus wassen. Was gesorteerd, mand klaar. Eerste greep: vinger in een gaatje van de mand — wondje. Tweede greep: sok ontsnapt achter de wasmachine. Derde greep: handdoek springt eigenwijs terug de mand in. Wasmiddel erin, klaar. Denk je. Tot je ontdekt dat zowel droger als wasmachine op pauze stonden.
Later loop je naar de voordeur, knalt tegen een kastje dat al járen op dezelfde plek staat, struikelt bijna over de wasmand en beseft: dit wordt hem niet vandaag.
Op zulke dagen kruip je het liefst terug onder je dekbed. Daar kan weinig misgaan.
Rechtop in slaap vallen (20-4-2018)
Hmmmm… zou dát het zijn? Al een hele tijd heb ik een bijzonder mechanisme: zodra ik ga liggen, klappen mijn ogen dicht alsof iemand op een onzichtbare uit‑knop drukt. Prima natuurlijk — slapen is gezond — maar de laatste tijd hoef ik niet eens meer te liggen. Ik zit rechtop, rug netjes los van de leuning, klaar voor een gezellige filmavond… en hop, ogen dicht. Alsof mijn lichaam zegt: “Leuk dat jij nog plannen hebt, maar wij gaan alvast slapen.”
Ondertussen draait mijn brein — mijn elektrisch geladen spaghetti — vrolijk overuren. Niet met wereldproblemen hoor. Nee, vooral met totaal onbelangrijke gedachten die niemand wakker hoeven te houden, behalve dan mijn hersenen, die blijkbaar een eigen nachtdienst draaien.
Misschien denk ik gewoon te veel. Misschien ben ik gewoon moe. Misschien is het een charmante combinatie van beide, met een vleugje chaos eroverheen.
Dus vanavond kruip ik maar vroeg mijn bed in. Als mijn ogen toch spontaan dichtvallen, kan ik er net zo goed aan toegeven. Blijkbaar heb ik het nodig — hopelijk snapt mijn brein dat ook.
Alles voor de Mario Kart Coins. (28-2-2018)
Vanmorgen begon mijn dag al vroeg: eerst mijn vissen naar het zwembad brengen, daarna Richard afzetten bij de brandweer — wel zo prettig met dit weer, want brrrr, het was écht te koud om te fietsen. Vervolgens door naar de PLUS. Normaal kom ik daar nooit, want het ligt totaal niet op onze route. Maar ja… als de kinderen Mario Kart Coins sparen, dan verandert zelfs een omweg ineens in een nobele missie.
Samen met mijn schoonmoeder de reclamefolder doorgespit. Conclusie: verrassend veel aanbiedingen die we daadwerkelijk gebruiken. Dus meteen boodschappen halen voor haar én voor ons.
Omdat het verkeer wonderbaarlijk meewerkte (ik vermoed dat half Nederland op vakantie is), stond ik om 7.50 uur al op de parkeerplaats. Tien minuten wachten in de vrieskou voelt dan als een uur: bevroren haarpunten, klappertanden, ijskoude vingers. Gelukkig kwam de schoonmaker langs: “Moet u bij de PLUS zijn, mevrouw?” Bibberend knikte ik. “Kom maar binnen staan.” Held!
Met de folder in de hand vulde ik mijn kar met alle aanbiedingen. Bij de kassa zei de caissière: “Dat is een coin… en dat is een coin… en dat ook!” Tja. Selectief boodschappen doen is óók een talent. Maar hé — ik heb wél limited editions gescoord.
Kleintje! (10-6-2017)
Ga ik gezellig boodschappen doen met mijn dochter, stappen we de Albert Heijn binnen en nog voordat ik een mandje heb gepakt, roept ze: “Kijk mam, ze hebben ook aan jou gedacht!” Ik volg haar blik… en ja hoor: een compleet display vol mini‑producten, mini‑verpakkingen, mini‑acties én een mini‑boodschappenkarretje. Alles in kabouterformaat.
Nou, dank je wel Albert Heijn. Topactie. Blijkbaar val ik officieel binnen de doelgroep XS‑mensen en andere compacte modellen.
Sinds kort draag ik namelijk de eretitel “Kabouter van het gezin”. Niet zelf gekozen, maar liefdevol toegekend door mijn huisgenoten, die het fantastisch vinden dat ik overal krukjes voor nodig heb, standaard op mijn tenen sta en op groepsfoto’s altijd vooraan moet staan om überhaupt zichtbaar te zijn.
En nu dus ook de supermarkt die subtiel bevestigt dat mijn lengte een marketingcategorie is. Fijn hoor.
Maar goed, ik heb het maar omarmd. Als kabouter van het gezin heb ik in ieder geval overzicht — letterlijk én figuurlijk. En ik draag die titel met trots.
