Uitlopen

Er is altijd dat ene moment waarop een nieuw idee zich aandient. Niet als een compleet verhaal, niet als een hoofdstuk, maar als iets dat voorzichtig begint te bewegen. Een scheut die niet alleen verschijnt, maar uitloopt. Zo’n klein, pril sprietje dat ineens boven de grond komt en zegt: “Hé, ik ben er. Doe je iets met mij?”

De afgelopen weken voelde ik precies dat.

Een idee dat uitliep.

Of eigenlijk twee.

Misschien komt het door alles wat ik zie, hoor en meemaak. Misschien door de gesprekken die ik voer. Misschien door de zorgmomenten die me raken. Of misschien door dat bezoek aan MOCA, waar ik tussen de originele tekeningen van Jan van Haasteren ineens besefte hoe verhalen soms niet bedacht worden, maar gewoon… in beweging komen. Niet gepland. Niet gestuurd. Maar geboren en uitlopend.

En zo ontstond het eerste begin van mijn twee nieuwe boeken.

Ik ga er nog niet te veel over zeggen. Het is nog te pril, te kwetsbaar, te vers. Maar ik kan wel alvast een tipje van de sluier oplichten. Het ene boek richt zich op de professional: de mens achter de zorg, die soms verdwijnt achter systemen, protocollen en verwachtingen. Het andere boek richt zich op de mantelzorger: de mens die zorgt vanuit liefde, loyaliteit en dagelijkse realiteit.

Twee verschillende perspectieven. Twee eigen werkelijkheden. Twee manieren van zorgen. En toch dezelfde wortel: menselijkheid. Dat uitlopen is nu begonnen. Nu nog klein, nog zoekend, nog zonder vaste vorm. Maar het beweegt. Het leeft. Het wil groeien.

En ik?

Ik geef het aandacht, richting en ruimte.