Panda momentje 2: Tai Chi met eetstokjes

Innerlijke rust en open energiestromen. Kortom: mooie energie. Het klinkt zo goed. Alsof je het kunt bestellen in een winkel, met een strik eromheen en een handleiding erbij. Maar het is een intense interne zoektocht zonder handleiding. Geen rechte lijn. Geen zen vanaf dag één. Meer een kronkelpad met struiken en keien, twijfels en af en toe een dumpling op je schoot. Zucht… tja, Tai Chi is net als beginnen met eten met eetstokjes. En daar is mijn metafoor om te verwoorden wat ik ervaren heb!
Even voor de beeldvorming…
Ik zit aan tafel in een restaurant. Voor me: een dampend bord met heerlijke dumplings. Naast me liggen — jawel — twee eetstokjes! Als ik om me heen kijk, zie ik anderen ogenschijnlijk moeiteloos, bijna harmonieus met hun stokjes eten. Heel elegant en vloeiend alsof ze dit al jaren doen. Ik bekijk mijn eetstokjes en zie ze als een uitdaging. Een test van geduld, balans en beheersing.
Ik pak ze vast. De eetstokjes, hè! We zijn nog lang niet bij de dumplings. Uit alle macht probeer ik ze zo te houden dat het eruitziet zoals bij de andere restaurantbezoekers. Met veel spanning in mijn hand constateer ik: het lijkt te lukken. Even ontstaat er een glimlach. Maar dan… een frons van concentratie. Nu moeten die eetstokjes ook nog gaan bewegen om een dumpling te kunnen vastpakken. Ik probeer het. Mijn vingers verkrampen. Mijn adem versnelt. De stokjes doen alles wat ze niet moeten doen: Ze kruisen, ze glijden, ze vallen. Ze liggen werkelijk overal behalve ontspannen in mijn hand! En de dumplings? Die blijven gewoon veilig op hun bord liggen. Mijn eetstokjes voeren een choreografie van chaos op. En ik? Ik heb nog geen hap genomen. Die strijd met de eetstokjes is wel weer goed voor de lijn.
Maar ergens… tussen de kramp en de frustratie, tussen de frons en de glimlach, ontstaat iets waardevols. Terwijl ik daar zat, met mijn stokjes in een kramp en mijn dumpling nog steeds onaangeroerd, besefte ik: dit is geen mislukking. Dit is oefenen. Oefening baart kunst. En alle begin is moeilijk. Herkenbaar? Is dit niet precies hoe Tai Chi begint: met stuntelende motoriek, zoekend naar ontspanning, maar vol intentie?
Als ik enigzins de controle heb over mijn eetstokjes gaan we voor de dumplings! Ik pak er eentje vast, te straks. Zo glad als hij is, glipt hij tussen mijn stokjes uit en vindt de vrijheid. Flop zo onder het tafellaken op mijn schoot. Snel red ik de dumpling door hem met mijn vingers vast te pakken en hem met een vaartje terug te gooien op mijn bord. Hmmm met een glimlach bedenk ik dat ik
had hem ook met dezelfde vaart gewoon in mijn mond had kunnen stoppen…
Goed, nieuwe poging! Ik pak er eentje vast, te los. Nog ver voor hij mijn mond bereikt valt hij tussen de eetstokjes vandaan met een stevige splash met de nodige spetters terug op mijn bord. Ik voel de frustratie opborrelen. Ik ben in staat om een eetstokje stevig vast te pakken en in de dumpling te prikken als een vork. Ik bedenk op tijd dat ik mij in een restaurant bevind waar dit
mogelijk niet zo gewaardeerd gaat worden….
Maar dan… Ik probeer het opnieuw. Ik ontspan mijn vingers. Ik vertraag mijn ademhaling. Ik laat mij eetstokjes de dumping grijpen. De dumpling blijft hangen! Heel even dan he! Maar dat moment — dat ene moment van balans — daar begint iets te stromen. Tai Chi is ook niet de perfecte houding. Het is de poging. Het is de glimlach na de mislukking. Het is de rust die langzaam groeit in deze chaos van bewegingen en gedachten. Mijn Chinese Qi is nog niet ontwaakt. Maar ze zit in mijn hoofd en beweegt al.
En ik? Ik oefen nog even stug verder met mijn eetstokjes, want ik heb inmiddels wel trek gekregen!
Afbeelding: Po uit Kung Fu Panda, eigendom van DreamWorks Animation.